Geen wereldkampioen voor Zweden in 1964

TEKST: Jonas Hagren

 

Voor het eerst sinds 1958 werd er geen Zweed wereldkampioen.

 

In de 500cc pakte Zweden een tweede en een zesde plaats en in de 250cc werd het zilver. Het Zweedse 250 team won de Trophee des Nations.

 

Het internationale seizoen begon, zoals zo vele keren voordien in Sint Anthonis op 15 maart. De Brit Jeff Smith was in grootste vorm en won zowel de eerste als derde heat, maar in de tweede heat viel hij uit. Zo ging de dagzege naar Rolf Tibblin op zijn nieuwe Hedlund machine, op maat gemaakt door Nisse Hedlund omdat de samenwerking met Husqvarna verbroken was.

 

Sten Lundin werd derde achter Dave Bickers maar voor Gunnar Johansson en Bill Nilsson, die uitkwam met een Eso motor in een Metisse frame. Smith was vijfde plaats voor Ove Lundell en Torsten Hallman.

 

De volgende week waren Tibblin en Nilsson respectievelijk vierde en vijfde in het Belgische Herentals, Thuisrijder Jos Teuwissen won voor Roger Vandenbecken en Sylvain Geboers.

 

Dezelfde dag deed Torsten Hallman op een 500 mee in het Frans Jonzac en won voor de Italiaan Emilio Osterero en Lundin, terwijl Pelle Persson vijfde was en Bert Lundin zevende .

 

Hallman begon sterk in de Belgische Paas Trophy, die in Marche begon. Hij werd derde in de 500 achter Smith en Vic Eastwood, maar voor Persson. Hij was ook derde in de 250, waar Joël Robert won voor Jan Blomqvist.

 

De volgende dag was men in Leuven en Smith won de 500 voor Tibblin, Hubert Scaillet, Eastwood, Persson en Hallman zesde. In de 250 won opnieuw Robert voor Hallman, Blomqvist en Sivert Eriksson.

 

In Bergharen won Bill Smith voor Ove Lundel en Jo Heijboer terwijl Ove Berglund zevende was. Bo Pettersson werd derde totaal in de Internationale cross in het Frans Trie.

 

De WK 500cc begon in het Zwitserse Wohlen en Tibblin won totaal voor Smith en Lundin. Punten ging ook naar Ove Lundel die zesde was.

 

Tibblin ging ook winnen in het Oostenrijkse Sittendorf en het Deense Randers. Smith werd tweede voor Lundin in beide races . In Oostenrijk werd Persson vijfde en Lundel zesde .

 

De vierde ronde was de Zweedse GP en ging door in Knutstorp bij Hyllingevägen MS. Er waren veel landen die niet kwamen opdagen en onder de 13 besten waren 11 Zweden!. Tibblin domineerde en won beide heats, terwijl Smith tweede was voor Lundin. Johansson werd vierde voor Nilsson, Persson, Lasse Gustavsson. Hasse Hansson op zijn Lindström werd achtst voor wijlen mijn vriend Stig Larsson uit Kristianstad en Lundel.

 

Jeff Smith won dan de GP in Norg voor Tibblin, Lundel, Nilsson, Lundin en Persson. Maar in het Frans Suce werd Tibblin opnieuw winnaar voor Lundin, Smith, Persson en Lundel, terwijl Johansson als zevende eindigde.

 

Voor de eerste keer ooit was er een GP 500 in Italie die niet plaatsvond in Imola, maar ik Avigliana ten westen van Turijn. Smith ging naar huis met de eindoverwinning voor Persson, Nilsson en Lundin, terwijl Johansson moeite bleef houden zich in de top vijf te nestelen en zevende werd. Tibblin viel in de eerste heat uit, maar won de tweede.

 

In de Sovjet unie, reed men dan in Lvov en Smith nam de eindoverwinning mee voor de winnaar van 1963: Ove Lundell. Tibblin viel opnieuw uit in de eerste race en werd tweede in de andere.

 

In het Tsjechische Prerov was er een dubbel voor Tibblin, Smith was tweede voor Nilsson en Lundel.

 

In Namen crashte  Persson de leider in de eerste ronde en nam daarmee de meeste andere Zweden mee in zijn val. De enige die er door kwam was Smith met zijn landgenoot John Burton. De overwinning in de tweede manche, bracht Lundin de derde plaats totaal achter Smith en Burton, terwijl de andere Zweden puntloos naar huis gingen.

 

Het begon goed voor de Zweden in Ettelbruck. Tibblin leidde de eerste heat met de andere Zweden valk er achter. Maar dan bleef de Hedlund staan en bleek dat de brandstoftank gescheurd was. Lundin moest opgeven met versnellingsbak problemen.

 

Smith won beide manches en Bill was tweede voor de Belg Herman de Soete. De Brit Jerry Scott verrast met de vierde plaats terwijl Ove Lundel zesde werd.

 

In het West-Duitse Bielstein nam Lundin dan de dubbele zege, terwijl Smith goed was voor een tweede plaats voor Tibblin, Lundel, Persson en Nilsson.

 

Het was vlijmscherp duel om de wereldtitel tussen Tibblin en Smith en zo ook ook in de Oost-Duitse Schresin, waar Smith won met iets meer dan twee voor de Zweed. Thuisrijder Dieter Kley werd derde in de afwezigheid van vele grote namen in het 500 circus.

 

Het WK eindigde in het Spaanse San Sebastian. Deze wedstrijd was oorspronkelijk niet gepland, maar het gaf Tibblin een laatste kans om de titel te behouden. Daarvoor moest hij wel winnen.

 

Het begon niet goed toen Tibblin een slechte start nam en Smith als eerste weg was. Maar Tibblin zet alles op een kaart en reed in twee slagen naar de tweede plaats. De spaken in zijn voorwiel, waren hiertegen schijnbaar niet bestand en de Zweed moest in de pits en zo werd Smith die inmiddels tien jaar meedeed in de WK de verdiende wereldkampioen.

 

Tibblin won als troostprijs de tweede manche. Hubert Scaillet was algemeen tweede voor Lundin en Lundel.

 

Smith nam dus het goud mee naar huis, twee punten voor op Tibblin, terwijl Lundin de bronzen pakte voor Ove Lundel en de tegenvallende Bill Nilsson. Zesde was de taaie Pelle Mas Persson.

 

 

Wie wint in Spanje .....

 

"Wie wint in Spanje wordt nooit wereldkampioen" was een bekend gezegde. Echter dat was niets waar Torsten Hallman zorgen over had en hij won afgetekend beide heats bij 250 première in Sabadell, nabij Barcelona.

 

De Brit Don Rickman was algemeen tweede voor zijn landgenoten John Griffiths en Dave Bickers, terwijl Olle Pettersson vijfde was. Cenneth Lööf werd achtste en Janne Johansson viel uit in de tweede manche nadat hij zevende was in de eerste.

 

De tweede race werd gehouden in het Belgische Wohenre en nu begon een nieuw tijdperk in de vorm van de sterke pas 20 jarige Joël Robert. Hij won beide manches, met Hallman als tweede voor Johansson.

 

Doorzettend won Robert beide heats in het Zwitserse Wohlen, in het Tsjechisch Holice en in het Oost-Duitse Neurenberg. De Belgische won vijf van de zes manches. In Oost-Duitsland was Hallman tweede voor Cenneth Lööf.

 

Bickers brak de dominantie door een dubbele zege in Schifflange, Luxembourg. Robert werd tweede in Hallman derde.

 

Imola koos er voor dit jaar om een 250 WK te doen en de laatste jaren wonnen Zweden daar altijd. Torsten Hallman voltooide deze statistiek met de eindzege in Imola voor de Sovjet Rus Igor Grigoriev en Robert, terwijl Lööf vijfde werd.

 

De Britse race werd uitgevoerd op Cadwell Park, Lincolnshire nabij het beroemde weg racecircuit. Robert won voor Bickers, terwijl Hallman uitviel in de tweede manche nadat hij tweede was geworden in de eerste.

 

De negende race werd uitgevoerd in Hedemora in Zweden met een nieuwe overwinning voor Robert, gevolgd door Hallman. De toen 21 jarige Ake Jonsson uit Västerås scoorde bij zijn WK -debuut een derde plaats in de eerste manche en een vierde in de tweede.

Dit was genoeg voor de derde plaats in het dagklassement voor Bickers, Vlastimil Valek en Victor Arbekov.

 

In het Finse Ruskeasanta kon Åke goed tegengas geven aan Robert, maar uiteindelijk won de Belg beide heats terwijl Jonsson tweede werd voor Arbekov, Hallman en Pettersson. Johansson maakte een comeback na een sleutelbeenblessure en werd zevende .

 

Er waren niet minder dan 200.000 toeschouwers naar de WK race in de Sovjet Unie gekomen. De race was in Leningrad, nu Sint-Petersburg. Na een zware strijd met Åke Jonsson won Robert de eerste heat. Maar toen Ake werd gedwongen uit te vallen met pech in de tweede heat, liet Robert voor het publiek Arbekov winnen.

 

Robert won voor Arbekov en Grigoriev. Hallman had een mindere dag en scoorde geen punten, dus werd Olle Pettersson de enige Zweed in de top als vijfde.

 

Robert was nu al wereldkampioen en reed niet in het Poolse Kielce, waar Hallman won voor de Rus Gunar Draugs en de ​ Tsjech Antonin Hrach.

 

Åke Jonsson was de enige Zweedse in het Oost-Duitse Apolda en werd totaal vierde, achter het Sovjet trio Arbekov, Draugs en ​​ Grigoriev. Robert won de eerste heat, maar werd gedwongen om uit te vallen in de andere.

 

De WK 250cc eindigde in het Frans Laquepie en net als in de première won Hallman. Hij pakte de eerste manche voor Åke Jonsson en in de tweede was de score omgedraaid, maar Hallman won op betere totaaltijd. Er waren twee punten voor Janne Johansson die als vijfde eindigde.

 

Robert pakte dus het goud, gevolgd door Hallman en Arbekov. Met werd vier goede resultaten was Åke Jonsson zesde, Roine Lööf tiende, Johansson twaalfde en Olle Pettersson dertiende.

 

Zweden laatste in de MCDN

 

De Motocross des Nations in het Britse Hawkstone Park werd er eentje voor de Zweden om snel te vergeten. Tibblin leidde de eerste heat toen zijn remstang brak. Bill Nilsson moest de val van Vic Eastwood ontwijken en werd daarna zelf overreden.

 

Sten Lundin had ontstekingsproblemen aan de motor en scoorde twee keer niet!!. Gunnar Johansson was vijfde in de eerste race en zevende in de tweede, terwijl Pelle Persson elfde was in de eerste en derde in de andere.

 

Dit betekende dat Zweden zich niet plaatste voor de finale.

 

Smith won beide heats en samen met Don en Derek Rickman, Eastwood en Arthur Lampkin pakten de Britten een verpletterende overwinning. België werd tweede met een Team waarin de toen 19 jarige Sylvain Geboers verraste met zijn tweede plaats in de tweede manche.

 

Het ging veel beter voor het Zweedse 250 team in het Nederlandse Markelo toen Hallman begon met het winnen van de eerste heat voor Bickers en Jonsson. Olle Pettersson was zevende en Janne Johansson twaalfde.

 

De tweede manche werd gewonnen door Robert voor Bickers en Hallman. Pettersson was achtste voor Johansson en Jonsson werd elfde. Zweden won met 31 punten de cup gevolgd door de Tsjechen met 46 en de Britten 48 .

 

En dan dit nog. In de regio west Zweden werd het regio Kampioenschap gedomineerd door een jonge man uit Uddevalla, die binnen tien jaar nadien wereldkampioen werd in de 250cc klasse. Zijn naam: Håkan Andersson. Op 21 juni 1964 was Håkan in gevecht voor de overwinning was toen hij crashte en zijn arm brak.