Lundin verfde de Monark over en werd Wereldkampioen op Lito

TEKST : JONAS Hagren.

 

Omdat in 1961 één van de eigenaren van het merk Monark; Lennart Warborn overleed eindigde de deelname in het WK Motocross voor het roemruchte Zweedse merk en Lundin zocht en vond een oplossing. Lundin kreeg contacten met Lito, hij schilderde de Monark groen noemde het apparaat Lito en werd wereldkampioen in 1961 .

 

Ik nam contact op met Kaj Bornebusch, die bevriend was met de lieden bij Lito. Omdat ik echter ontzettend goed overweg kon met mijn Monark, ging Bornebusch er akkoord mee dat mijn fiets in Lito's groene kleur schilderde en het ook Lito noemde.

 

In kleinere wedstrijden of in Zweden reed ik een productie Lito, maar op de belangrijke WK wedstrijden reed ik mijn Monark/Lito. Dit was een fiets die op maat was gemaakt voor mijn lange lichaam en ik heb er altijd erg goed op kunnen rijden, Aldus Sten Lundin.

 

De eerste Internationale Competitie voor de Zweedse WK azen was in het Nederlandse Sint Anthonis en Bill Nilsson won op zijn Husqvarna. Jeff Smith op BSA werd tweede, Sten Lundin werd derde op zijn Lito en Gunnar " Gurra " Johansson was vijfde op een productie Lito.

 

Rolf Tibblin begon in het Belgische Herentals met een tweede achter Walter Baeten, de broer van Rene Baeten. De dag er op een overwinning voor Tibblin in het Franse Besancon, gevolgd door twee manche overwinningen in Chardonchamps, waarna hij in de derde zijn been brak, waardoor hij de opening wereldbekerwedstrijden miste.

 

Sten Lundin won een wedstrijd in het Zwitserse Olten en was met de Pasen tweede in het Belgische Marche achter Smith. De volgende dag in Leuven won Bill Nilsson voor Sten Lundin, Ove Lundell en Johansson.

 

De eerste WK wedstrijd in de 500cc klasse was in het Zwitserse Payerne met een dramatische strijd tussen Bill Nilsson en Sten Lundin, die er mee eindigde dat Lundin won met een tiende van een seconde voor Nilsson. Johansson werd derde voor de Tsjech Miroslav Soucek, die nu uitkwam op Eso en de Australiër Tim Gibbes.

 

In het Oostenrijkse Sittendorf won Lundin beide heats na een zwaar duel met de Brit John Burton. In de eerste heat werd Bill Nilsson derde, maar hij werd gedwongen uit te vallen in de tweede heat. Johansson werd vierde achter Soucek.

 

Lundin knalde door en won beide heats in het Frans Jonzac,gevolgd door Ove Lundell en Derek Rickman. Bill Nilsson bleef aanmodderen en was tweede in de eerste, maar vil uit in de tweede heat. Lundin was daarmee al een eind voor op de rest in de Kampioensstand.

 

Niet zo bekend bij ons: Roine lööf uit Uppsala

 

50.000 toeschouwers in Tsjecho-Slowakije bij de première van de 500 GP in dit land in Prerov. Het werd een dubbele overwinning voor Bill Nilsson, na een heftige strijd met thuisrijder Soucek. Tibblin was terug van zijn blessure en werd vijfde voor Ove Lundell.

 

Bill Nilsson had de smaak te pakken en won ook de week er op in Imola beide heats. Lundin werd tweede in beide races voor Johansson en Tibblin. Een Zweeds podium dus daar in Italië.

 

In Groot Brittannië hadden de rijders malheur met de bond en zodoende kwamen niet allen aan de start. David Curtis kwam we aan de start in Hawkstone Park en hij won beide heats. Lasse Gustavsson maakte wederom zijn naam als zandrijder waar en werd tweede voor Johansson en Burton.

 

In het Nederlands Bergharen won Broer Dirks van de Zweden. Lundin werd tweede gevolgd door Nilsson. In de klassieker in Namen waren de Zweden echter weer op kop.

 

Lundin en Johansson waren oppermachtig in de finale. Bill Nilsson zat er ook bij, maar machinepech deed hem de das om.

 

De volgende week was men in Ettelbruck in Luxemburg, waar Lundin een dubbele overwinning pakte. Bill Nilsson lag knap tweede in de eerste manche totdat zijn motor weer de geest gaf. Johansson werd vierde in de eerste manche, maar kreeg een vastloper in de tweede . Tibblin werd vierde totaal.

 

20 augustus was het tijd voor de Grand Prix op de oude baan in Uddevalla. 10000 supporters zagen op de Kurödbanan de eerste manche vreemd van start gaan. Lundin en Burton dachten dat het een valse start was, maar de wedstrijdleider dacht er anders over.

 

Lasse Gustavsson nam het voortouw voor Pelle Persson. Halverwege de heat werd Persson gepasseerd door Bill Nilsson en Gunnar Johansson. Lasse Gustavsson leek de winst op zak te hebben, maar 50 meter van de meet stopte de machine van hem. Bill Nilsson won de race voor Johansson en Lundin, die een machtige inhaalrace reed. Persson was vier voor Lundell, Tibblin, Roine Loof en John Burton.

 

De tweede manche begon met Bill Nilsson aan de leiding en Sten Lundin als twee. Nilsson was te sterk en won met acht seconden voorsprong. Johansson werd derde gevolgd door Loof, Burton en Persson. Nilsson dus dagwinnaar gevolgd door Lundin, Johansson, Persson, Loof en Tibblin, terwijl John Burton de beste buitenlander was.

 

Het WK eindigde in het West-Duitse Immerstadt en Lundin pakte de zege en de wereldtitel voor Tibblin, Broer Dirks en de Brit Gordon Blackway. Bill Nilsson won de eerste manche, maar had problemen met de ketting in de tweede en werd vijfde totaal voor Johansson.

 

Zweden was zwaar favoriet voor de Motocross des Nations, die werd gehouden in Schijndel, maar de Britten waren gevaarlijk en de Belgen en Nederlanders waren gekende zandrijders.

 

Tibblin begon met de overwinning in de eerste kwalificatiesessie voor Smith en Ove Lundel. Johansson won de tweede voor Broer Dirks, terwijl Bill Nilsson zesde werd.

 

In de finale leidden het Britse vier ronden, maar Johansson ging als runner-up voor Zweden in de aanval en nam de latere winnaar Bill Nilsson mee, maar ook Tibblin en Lundell wilden meer. Ze hadden hun zinnen gezet op elke Brit en toen Tibblin Curtis voorbij ging en derde werd en Ove over Leslie Archer ging was het duidelijk.

 

Zweden won voor Britten en Frankrijk nam verrassende het brons voor Denemarken en Zwitserland. Dit was de derde keer dat Bill Nilsson individueel winnaar werd in de Motocross of Nations en dat is uniek tot op de dag van vandaag.

 

Sterke Britten in de 250 EK.

 

In dit jaar was het nog steeds een Europese titel in de 250cc. De Britse piloten domineerden in het Europees kampioenschap, dat ging over 13 races.

 

Dave Bickers begon met het winnen van de eerste twee in het Belgische Aywaille en het Franse Thomor. Vervolgens won de Jeff Smith in Markelo en in het Tsjechisch Sarka voordat Bickers weer won in het Poolse Zabrze en het Luxemburgse Schifflange.

 

De Zweden begonnen knap, met Lennart Dahlen als tweede in België, terwijl Torsten Hallman vierde was. Voor Hallman kwam er daarna nog een derde plaats in Frankrijk en Nederland, waarna hij ook in Luxemburg derde werd.

 

Na die zes wedstrijden was Bickers leider met 35 punten voor Smith op 33 en Arthur Lampkin op 21. Hallman was vierde op 17 terwijl Dahlen zes punten kon opwijzen.

 

De zevende wedstrijd werd gereden in het Fins Ruskeasanta en daar kwam Hallman tot zijn eerste GP overwinning van het jaar, nadat hij tweede en derde was geweest in de heats. De Finse rijder Arno Erola werd verassend tweede voor Lampkin, Smith, de Tsjech Vlastimil Valek en Sivert Eriksson uit Zweden.

 

Bill Nilsson was er ook en probeerde de 250 Husky. Hij lag enkele ronden tweede maar viel hard en moest zich onder doktersbehandeling plaatsen.

 

Lampkin won zowel in het Italiaanse Seltiana als in het West-Duitse Doppingen. Hallman werd tweede in Doppingen en Eriksson vierde.  Bickers won opnieuw thuis in Shrubland Park voor Lampkin, terwijl Lampkin de Zwitserse wedstrijd won in Wohlen voor Smith. In deze wedstrijden was Hallmanb derde en vierde en kwam Sivert Eriksson als zesde uit de strijd in Zwitserland .

 

De voorlaatste race werd uitgevoerd op de Knutstorpbanan bij Hyllingevägen MS en was weer een Brits feest. Dave Bickers won beide manches en was zo verzekerd van de Europese titel. Lampkin werd tweede en daarmee vice kampioen. Smith eindigde als derde in het EK. Derde in de wedstrijd werd Erola die onderweg was op een MZ, terwijl Dahlen vierde was. Verrassend sterke en zesde was de toen 20 jarige Jan Johansson uit Huskvarna.

 

Torsten Hallman werd derde in de eerste manche, maar moest opgeven in de tweede en werd zodoende vierde in het kampioenschap van Europa. Stig Rickard Andersson reed bijna de hele EK serie mee met een Greeves, maar bracht niet een enkel punt mee terug naar Zweden.

 

Het Europees Kampioenschap eindigde in het Oost-Duitse Apolda maar noch de Britten noch Hallman gingen er heen. Sivert Eriksson wel en hij werd vijfde.

 

De eerste World Cup voor teams in de 250cc; de zogenaamde Trophy des Nations ging door in het Italiaanse Avigliana. Het Zweedse team bestond uit Tosten Hallman, Lennart Dahlen, Sivert Eriksson, Stig Rickard Andersson en Sune Skogsmo.

 

Na de kwalificatie heats waren alle Zweden in de finale. Na een aantal valse starts in de finale nam de Duitser Fritz Betzelbacher op Maico de kop, maar na een ronde waren zowel Bickers als Hallman hem voorbij. Bickers gleed er even af en zo was het gemakkelijk Hallman die de leiding pakte.

 

Bickers kwam snel terug en werd uiteindelijk tweede, maar tegen Hallman kon hij niets doen en de Zweed won met 23 seconden. Fritz Betzelbacher hield de derde plaatsvoor Jeff Smith en Arthur Lampkin, terwijl Rickardsson zesde werd voor Dahlen, Eriksson was negende en Skogsmo dertiende. Maar de Britten wonnen het teamgebeuren voor Zweden en West-Duitsland.

 

 

Torsten "Totte" Hallman.

 

Torsten Hallman werd geboren 17 oktober 1939 en groeide op, op een boerderij in de buurt van Uppsala. Zin interesse in de Motocross kwam al vroeg op gang, doordat zowel zijn vader als zijn broer Hasse reden. Hallman starte in de motocross in 1957 en won 17 races in 20 starts!!.

 

 

Zeker gelijk aan Joel Robert: Torsten Hallman

 

 

Vroeg in zijn carrière reed hij ook veel enduro en won het Zweedse kampioenschap in 1959 en verder tweemaal de Zweedse driedaagse. Hij reed zelfs een aantal rallywedstrijden, maar in de motorcross kwamen zijn belangrijkste successen.

 

Hallman won vier keer het wereldkampioenschap en werd keer tweede in de 250. Hij stond in totaal 75 keer op het podium in de 250 WK. Verder scoorde hij vier keer een nationale titel.

 

In 1966 Hallman reisde Hallman naar de Verenigde Staten en introduceerde daar min of meer het echte Motorcrossen en won alle 23 heats waarin hij meedeed, Daarna kwam de motocross in de USA echt op gang.

 

Samen met Edison Dye, regelde hij later de inter-AMA serie met een groot deel van de elite van de wereld in de Verenigde Staten aan de start in de jaren 1967-1970 .

 

Hallman kende ook succes na zijn motorcross carrière in het bedrijfsleven. Zijn bedrijven Hallman Racing waren gevestigd in Uppsala en in Californië. Zijn kledingmerk Thor werd enkele jaren geleden verkocht aan Amerikaanse investeerders.

 

Hallamn begon later in Zweden ook samen met Steffan Eneqvis met de import van Yamaha onder de naam: Hallman/Eneqvist.

 

Hij was toen ook betrokken bij het project dat samen met Sten Lundin leidde tot de eerste Yamaha viertaktmotoren de HL 500