De eerste wereldtitel ging naar " Buffalo Bill "

TEKST : JONAS HAGREN.

 

Het jaar 1957 begon met het terugtrekken van steun van Fleron ( algemeen agent voor BSA,  AJS en Matchless in Zweden.

 

De rijders die het trof moesten dus op zoek naar andere mogelijkheden en Bill Nilsson bouwde in zijn eigen crossframe een motorblok van een AJS 7R wegracemotor. Het werd een hit en " Buffalo Bill " was na het seizoen de eerste wereldkampioen in de 500cc klasse.

 

Het sloeg in als een bom bij de Zweedse rijders dat Fleron hun rijders niet meer kon steunen als voorheen. Het betekende dat de meeste rijders zelf iets moesten bouwen of duur moesten kopen.

 

Bill Nilsson was eigenwijs genoeg om zelf te bouwen en hij gebruikte daarvoor een AJS 7R , ontworpen voor de wegrace en 350cc, welke motor op 500cc werd gebracht. Aan het begin van het seizoen was de motor klaar en concurrentie bedingt.

 

Het was geweldig om de zaag in deze prachtige motorfiets te zetten" aldus Bill later. "Het moeilijkste deel was het bepalen van alle maten en ga zo maar door . Op dat moment hadden we geen rekenmachine en moest je kunnen hoofdrekenen."

 

Ondertussen had Sten Lundin een contract getekend met het Zweedse Monark in Varberg . Het leek goed te gaan en men beloofde dat de machine klaar zou zijn voor aanvang van het seizoen, maar dit was helaas niet het geval en Sten kende gedurende de eerste helft van het jaar veel problemen met de motor. Maar gezegd moest worden dat men bij Monark de rug rechtte om alles goed te krijgen en op het einde van het jaar kwamen ook de resultaten.

 

Lasse Gustavsson , Gunnar Johansson , Eje Bergman en Gösta Nilsson bleven het merk BSA trouw. Raymond Sigvardsson bouwde ook een AJS om terwijl Pelle - Mas " Persson op een 500cc AJS overstapte. Naast Lundin  reden ook Ove Lundell , Allan Eklund en Bengt Svensson op Monark, terwijl Gunnar Eriksson overliep naar Norton. De in 1956 in het Zweedse kampioenschap succesvolle Sture Eriksson moest in militaire dienst , maar had zowel een BSA als een AJS in de garage staan.

 

Het voorseizoen.

 

Op 31 maart was de eerste wedstrijd van het seizoen in St. Anthonis en Bill Nilsson deed gelijk goede zaken door achter de Brit Leslie Archer tweede te worden. Sten Lundin viel uit in de eerste heat en reed daarna niet meer.  Lasse Gustafsson werd derde.

 

De week er op zagen we wisselende resultaten toen Bill Nilsson moest opgeven in het Belgische Luik , terwijl Sten Lundin tweede werd in het Frans Saintes achter Archer . Pelle Persson won in het Franse Nagaro Bengt Bengtsson uit Vetlanda. De Zweden wonnen in die periode alles in Frankrijk want ook Karl Åkerblom pakte in het in het Franse Montbelyard de winst voor Karl Gòran Jansson uit Stockholm.

 

Op 14 april werd Bill Nilsson tweede achter de Belg Rene Baeten in Namen en Sten Lundin eindigde als tweede in het Franse Laon achter Archer . Op de 21e April was er een Internationale cross in het Belgische Marche waar Bill Nilsson derde werd. Twaalfde eindigde Pelle Persson, terwijl Lundin, Gustavsson en Bengtsson uitvielen.

 

De volgende dag , reed men in het Nederlandse Boekel en Bill Nilsson won daar voor Baeten en Jan Clynk . Sten Lundin viel uit met pech.

 

Het wereldkampioenschap

 

De Grand Prix series hadden dit jaar voor het eerst de status van het Wereldkampioenschap van de FIM en de eerste race werd gehouden in het Zwitserse Bout de Monde iets buiten Genève op 5 mei. Bill Nilsson was verwonderlijk genoeg niet aanwezig. Ik wilde niet naar de première aldus Bill.  De waarheid was dat ik het circuit daar verafschuwde en daarom verkoos in Zweden te rijden.

 

Sten Lundin reed briljant in de finale na een slechte start en werd knap vierde achter de Belg Nic Jansen die verraste door te winnen van Auguste Mingels en Baeten.

 

Het was ook de première van het 250cc Europees kampioenschap en daar won de Tsjechische Jaromir Cizek op Jawa voor de Brit Brian Stonebridge en de Belg Alexandre Colin.

 

De volgende race werd gehouden in het Franse Montreuil , Bill was goed in vorm maar kon niet verhinderen dat Leslie Archer won. Mingels was derde voor Jansen , die daarna leider was in het kampioenschap. Baeten verloor zij plaats in de kwalificatie. De 250cc EK wedstrijd werd gewonnen door Colin op een NSU voor de Fransen Albert Voreux en Maurice Bloquet .

 

Fabrieksfoto van een jonge Sten Lundin

 

 

De Zweedse GP was in Saxtorp op de 2e juni, zonder Jansen en Mingels, zij hadden de motoren niet op tijd klaar. Van de 24 rijders in de finale waren er 15 afkomstig uit Zweden.

 

Na de eerste ronde in de finale leidde Jeff Smith vóór Rene Baeten, Sten Lundin , John Draper en Bill Nilsson. Draper viel in de vierde ronde , Sten Lundin gaf op in de zesde ronde. Daarin lag toen Bill Nilsson derde. Het trio Smith , Baeten en Nilsson had toen een voorsprong van twee minuten voor de anderen.

 

In de 14e ronde verhoogde Bill Nilsson plotseling het tempo en voordat de anderen begrepen wat er gebeurd was nam hij de leiding. Eenmaal aan de leiding trok hij er tussenuit en won met 24 seconden voorsprong op Baeten, Smith gecrasht werd daarna derde.

 

Sensationele vierde werd de 19 -jarige Rolf Tibblin uit Sollentuna. Dit was zijn zesde wedstrijd als senior en zijn WK debuut. We zouden nog veel van hem horen. John Draper was vijfde vóór Hammarstedt, Lundell, de Belg Arthur Nuyts, Kaj Bornebusch en Inge Johansson.

 

De vierde wedstrijd voor het wereldkampioenschap vond plaats op het circuit van Hawkstone Park en was het enige evenement met twee heats en een totaal . Smith won beide manches voor Archer en derde totaal was onze landgenoot Broer Dirk.

 

Sten Lundin werd vierde gevolgd door Bill Nilsson, die maakte een ongekende opmars in de eerste heat. Nadat hij als 27e doorkwam in de eerste passage reed hij naar de vierde plats, terwijl hij zevende werd na een val in de tweede heat. Lundin deed het tegenovergestelde en werd zevende in de eerste en derde in de tweede . Lasse Gustafsson was achtste totaal en de jonge Tibblin twaalfde.

 

In Lichtenvoorde pakte Bill Nilsson zijn tweede GP zege van het seizoen door te  winnen van Baeten met vijf seconden, na een finaleheat die 51 minuten duurde. Kom daar nu nog maar eens om !!!. Archer werd derde Gustafsson, Smith en Stonebridge.

 

Het was toen al traditioneel dat de GP in Namen was en op de eerste zondag in Augustus. Het was de dag voor Sten Lundin die won met vier seconden voorsprong op Baeten. Derde was Bill Nilsson voor Smith, Jansen en Mingels.

 

De volgende week was het tijd voor Ettelbruck in Luxemburg en de wedstrijd werd historische omdat Bill Nilsson wereldkampioen werd. Hij moest in de finale in de voorlaatste ronde opgeven met motorpech, maar werd wereldkampioen in 1957; omdat niemand hem nog kon inhalen in punten.

 

Sten Lundin won de finale na een dijk van een race en was 40 seconden voor op nummer twee de Belg Hubert Scaillet. Mingels werd derde.

 

Op 25 augustus eindigde het WK in het Deense Randers en het werd een fel duel voor het zilver. In de 20 ronden durende finale passeerden Baeten en Lundin elkaar meerdere malen , maar uiteindelijk kon Baeten de zege pakken en het zilver. Bill Nilsson viel in de derde ronde, maar kwam sterk terug en werd derde voor John Draper en de taaie Deense Mogens Rasmussen .

 

In de 250cc reed men negen wedstrijden voor het Kampioenschap en daarvan won de Belg Marcel Verhaegen in het Duitse Brühl, de West Duitser Fritz Betzelbacher in het Duitse Reutlingen, een andere West Duitser, te weten Willi Österle geboren in Rüdersberg won in Namen en Betzelbacher in Ettelbruck.

 

Österle won opnieuw in het Belgische Genk, Betzelbacher in het Oostenrijkse Sittendorf en tenslotte won de Italiaan Vincenzo Soletti in zijn thuisland in Pinerolo. Uiteindelijke kampioen werd Betzelbacher vóór landgenoot Österle, beiden op Maico. Cizek op Jawa werd derde.

 

Motocross des Nations

 

De Motocross des Nations werd gehouden in de Leeuwenkuil op het circuit Brands Hatch . De Britten waren super sterk en behaalden vijf van de top zes resultaten in de kwalificatie, waarin enkel Stonebridge gedwongen werd te stoppen vanwege pech.

 

In de finale nam Bill Nilsson de kop en leidde gedurende drie ronde, maar daarna kreeg hij zand in de carburateur en moest de pits in. Lasse Gustafsson had ook een probleem met de carburateur, terwijl Sten Lundin de tankdop verloor bij de start.

 

De andere Zweden streden voor wat ze waard waren en het beste wat ze konden was een bronzen plak te halen.

 

Het was, zoals verwacht een makkelijke overwinning voor de Britten en voor het derde jaar op rij  won Jeff Smith individueel. David Curtis werd tweede en Brian Martin zevende. België werd tweede met Baeten als derde, Janssen vijfde en Hubert Scaillet zesde .

 

 

—----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Lasse Gustavsson.

 

Werd geboren in Motala in 1931 en groeide op tussen de paarden, want zijn familie had een stoeterij. In 1950 kwam hij bij de Motorclub SMK Motala en werd meteen opgenomen door zijn leermeester Hasse Danielsson en in het zelfde jaar was Lasse een van de betere junioren in het land .

Lasse Gustavsson.(L) en Bill Nilsson bij een reunie. (Foto: Nisse Wedin)

 

Het jaar er op werd Lasse al opgenomen bij de elite in de nationale ploeg, waar hij in 1955 in belangrijke bijdroeg aan het goud in de Motocross des Nations door als vijfde individueel te eindigen. Ook toen Zweden goud won in 1958 in Knutstorp zat Lasse er goed bij en was derde individueel .

 

In 1958 kende hij ook zijn grootste individuele succes toen hij als eerste niet Brit; de Britse Grand Prix won in Hawkstone Park. In 1959 was hij op het podium te vinden als derde in de Nederlandse GP en tweede bij de GP in Saxtorp.

 

Maar aan het einde van de jaren 50 werd hij door de jeugdige rijders overvleugeld, hoewel nog een derde was in Nederland, vierde in Luxemburg in 1960 en de tweede in het Verenigd Koninkrijk in 1961.

 

Hij bleef meerdere jaren aan internationale wedstrijden deelnemen, vooral in Frankrijk.

 

In 1965 nam hij met een mooie overwinning in Motala, vóór de gehele Zweedse elite afscheid en trok weg naar Frankrijk. Na zijn carrière nam helaas de drank de overhand en hij eindigde zijn dagen tragisch in Parijs als dakloze . Zijn leven eindigde in een tragedie want hij werd bij een vechtpartij doodgestoken volgens de politie in Parijs.